Protocol

 

Blaaspoelen bij gebruik van Katheters ŗ Dťmeure

 

 

Doel

-                 De blaas te ontdoen van afvalstoffen, stolsels en gruis.

-                 Infectie te voorkomen.

-                 Verstopping van de katheter te voorkomen of op te heffen.

-                 Het inbrengen van een werkzame vloeistof om b.v. bacteriegroei of steenvorming tegen te gaan.

 

Algemene opmerkingen

Deze handeling mag alleen worden uitgevoerd in opdracht van de arts.†††††††††

 

Benodigdheden

-                 Een bakje met warm water.

-                 Een zakje met blaasspoelvloeistof

-                 Een urinaal.

-                 Een celstof onderlegger.

-                 Een paar onsteriele handschoenen

-                 Een katheterzak.

-                 Een wattenstokje (indien nodig)

-                 Alcohol 70% (indien nodig)

 

Voorbereiding

-                 Zorg er voor dat alle te gebruiken materialen binnen handbereik zijn.

-                 Vertel de cliŽnt het doel van de handeling en wat er gaat gebeuren en dat de handeling als belastend kan worden ervaren, of indien deze niet kan begrijpen: noem de naam van de cliŽnt en vertel dat er iets gaat gebeuren.

-                 Zorg voor voldoende privacy

 

Werkwijze

-                 Verwarm de blaasspoelvloeistof in de verpakking in warm water op lichaamstemperatuur.

-                 Als de vloeistof op lichaamstemperatuur is, is deze gereed voor gebruik. Dit kan men controleren door het zakje tegen de binnenkant van de arm te houden.

Nooit koude blaasspoelvloeistof inbrengen, dit voelt zeer onaangenaam aan voor de cliŽnt en bevordert blaaskrampen!

-                 Laat de cliŽnt in een ontspannen houding in rugligging liggen en help deze zo nodig daarbij.

-                 Leg een celstof onderlegger onder de stuit in verband met mogelijke morsen.

-                 Was de handen, doe handschoenen aan en een schort voor.

-                 Haal de urinezak van de katheter en leg de kathetermond zwevend op een bekkentje ofin een schoon ingevouwen celstofmatje.

-                 Pak het spoelzakje en haal de sluiting rond de dop eraf.

-                 Sluit deze aan op de katheter.

-                 Houd het zakje omhoog, en laat de vloeistof langzaam via de katheter in de blaas lopen. Soms is het nodig lichte druk op het zakje te geven, door deze iets in te knijpen (Let op: nooit forceren!).

-                 Een te snelle vulling van de blaas kan heftige reacties op de blaaswand geven of zelfs een overrekking van de blaaswand. Dit dient te allen tijde voorkomen te worden.

-                 Let op reacties van de cliŽnt tijdens deze handeling. Mocht deze onplezierige sensaties beleven, dan moet de handeling tijdelijk onderbroken worden. Dit wordt bewerkstelligd door het blaasspoelzakje op een lager niveau te houden, waardoor er geen vloeistof meer in de blaas loopt. Adviseer de cliŽnt goed door te ademen, waardoor er ontspanning van het lichaam ontstaat. Wacht met de handeling te continueren totdat de klachten verdwenen zijn.

-                 Als de vloeistof geheel uit het zakje is, de klem op het slangetje zetten, waarna het zakje op bed kan worden gelegd.

-                 De vloeistof moet een bepaalde periode inwerken, afhankelijk van het soort vloeistof.

-                 Let in die tijd op mogelijke reacties van de persoon.

-                 Na de afgesproken tijd kan het klemmetje van het slangetje gehaald worden, zodat de vloeistof in het zakje terug kan lopen.

-                 Controleer de inhoud. Het is normaal dat de inhoud wat geler is en vaste bestanddelen bevat, soms zelfs wat bloeddeeltjes of slijm.

-                 Als het zakje vol iskan het van de katheterslang gehaald worden. Leg de katheter zwevend op het bekkentje of vouw deze in een celstofmatje.

-                 Sluit het zakje met blaasspoelvloeistof door het klemmetje weer op het slangetje te zetten. Doe dit niet als deze nog aan de katheterslang zit!

-                 Sluit de katheter aan op een urineopvangzak. (soms hanteert men het uitgangspunt dat hierbij de aansluitpunten van de katheter en de urineopvangzak eerst moeten worden gedesinfecteerd met alcohol 70%)

-                 Controleer bij vrouwelijke cliŽnten of het schoonmaken van de vulva nodig is in verband met mogelijke lozing van urine via de normale weg.

-                 Ruim alle materiaal op en controleer of de urinezak zich vult.

-                 Controleer de slang opdat deze niet afgekneld zit.

-                 Controleer of het zakje niet te hoog gedragen wordt, want dan loopt de urine nooit in het zakje!

-                 Was de handen.

-                 Noteer in het dossier (of ander afgesproken plaats) dat de handeling is verricht alsook de bijzonderheden die zijn opgemerkt.

 

NB: NOOIT de katheteropening in een po of bekken leggen, maar altijd zwevend op de rand. Dit om infecties te voorkomen!†††

 

Complicaties

Blaaskramp

 

Bijzonderheden

Er zitten meestal witte vlokken, slierten in de urine, maar dit is niet erg. BacteriŽn komen gemakkelijk via de katheter in de blaas.

De urine is altijd gecontamineerd, dat wil zeggen: de urine bevat altijd leukocyten en een positief nitriet. De cliŽnt heeft in principe hier geen ziekteverschijnselen van.

Het is van belang dat de cliŽnt goed drinkt om uitscheiding van afvalstoffen te bevorderen. Daarnaast is het goed en regelmatig ledigen van de blaas noodzakelijk.

De blaas moet met een vloeistof gespoeld worden. Wat voor vloeistof dit is, en hoe vaak er gespoeld moet worden, is geheel afhankelijk van de individuele situatie van de cliŽnt, en wordt bepaald door

de arts.

Als het spoelen van de blaas moeilijker gaat dan normaal, omdat er veel afvalstoffen en / of gruis in de blaas of katheterslang aanwezig zijn, is het noodzakelijk dit te melden in het dossier. Er moet nagegaan worden of de periode dat de katheter verwisseld moet worden is aangebroken. Meestal is dan ook de katheterpoort bloederig en geÔrriteerd bij en suprapubisch katheter. Als dit het geval is moet de katheter verwisseld worden. Is de periode van gebruik nog niet verstreken, zal er in overleg met de arts vaker gespoeld moeten worden. Als dit moet gebeuren, moet dit in het persoonlijk dossier worden vermeld. Daarna, als de klachten verdwenen zijn weer overgaan op de standaard procedure. Als de klachten niet over gaan moet je contact opnemen met de huisarts.

Als de urine troebel is doordat het gruis en/of vlokken bevat, of er zit veel bloed in de urine en de cliŽnt heeft last van buikpijnklachten of last van algeheel onwel-bevinden dan moet je de huisarts inschakelen.

In de meeste gevallen zal er dan een urinekweek afgenomen worden om het beleid verder te bepalen.

Let er op dat je schoon en hygiŽnische werkt, daar je de infectie zelf kunt krijgen of overbrengen op anderen!

Werk met handschoenen en was je handen goed na de handelingen!

 

Mag zelfstandig worden verricht door

Verpleegkundige††††††††† †††††††††† is bevoegd

Andere zorgverleners†††††††††††††† als men beschikt over een bekwaamheidsverklaring (afhankelijk van instellingsbeleid)

 

Let op:

Het is de bedoeling met dit protocol een bijdrage te leveren aan een goede,verantwoorde en doelmatige zorg- en dienstverlening. Het protocol kan zo nodig worden aangepast aan de individuele wensen van de cliŽnt, echter alleen in opdracht van of met instemming van een arts.

Bij twijfel ten aanzien van de uitvoering van dit protocol raadpleegt men de direct leidinggevende.

In situaties waarin dit protocol niet voorziet, overlegt men met de opdrachtgever en/of de direct leidinggevende.

Afwijken van dit protocol kan soms noodzakelijk zijn, doch men zal afwijken van dit protocol te allen tijde moeten kunnen motiveren. Dit protocol, hoewel richtinggevend, is slechts een hulpmiddel en kan en mag nimmer de plaats innemen van het eigen denken en handelen van de zorgverlener / ondersteuner.

De zorgverlener / ondersteuner kent en neemt bij het hanteren van dit protocol zijn of haar eigen verantwoordelijkheid.

Dit protocol is niet bestemd voor particulier gebruik.

 

Auteur: D.Slagter, verpleegkundige

Publicatiedatum: 1 mei 2001

Laatste herziening: 25-11-2012

Disclaimer: De auteur draagt geen enkele verantwoordelijkheid ten aanzien de gevolgen van het gebruik en de interpretatie van dit protocol. Raadpleeg zo nodig de leidinggevende.

 

Copyright2001 - 2014 Dick Slagter © All rights Reserved.